Informatie voor nabestaanden van slachtoffers van de vliegramp in Tripoli De ANWB en Slachtofferhulp Nederland hebben zich opgeworpen als coördinatoren van de rechtshulp aan nabestaanden van de slachtoffers van de vliegtuigramp in Tripoli. Zij verwijzen de nabestaanden hiervoor onder meer naar ASP. Wat doet ASP? ASP is een vereniging van erkende letselschadeadvocaten die uitsluitend optreden voor slachtoffers van letselschade en hun nabestaanden. Onder de leden bevinden zich letselschadeadvocaten die ervaring hebben met rechtsbijstand aan slachtoffers van vliegrampen en hun nabestaanden. Om de kwaliteit van rechtshulp te optimaliseren, delen de slachtofferadvocaten van ASP hun know-how. Als verschillende ASP-advocaten nabestaanden van slachtoffers van deze vliegramp bijstaan, dan zal ASP overleg tussen deze advocaten faciliteren en stimuleren. De rechtspositie van slachtoffers en hun nabestaanden Internationale regelgeving bepaalt wie aansprakelijk is voor de dood of het letsel van vliegtuigpassagiers. Bij vliegtuigrampen geldt een risicoaansprakelijkheid: de vliegtuigmaatschappij is aansprakelijk voor de schade van de slachtoffers en nabestaanden van een dergelijke ramp, los van de vraag wie schuld heeft. Er kan sprake zijn van een begrensde schadevergoeding als blijkt dat de vliegtuigmaatschappij geen blaam treft. Afriqiyah Airways zal dit moeten bewijzen. Het is ook mogelijk dat de reisorganisatie en de fabrikant van het vliegtuig aansprakelijk zijn. Nabestaanden van slachtoffers moeten hun vordering binnen twee jaar na het ongeval indienen, anders vervalt de mogelijkheid van schadevergoeding. Als de nabestaanden van slachtoffers door de vliegramp in Tripoli in financiële problemen raken, dan is Afriqiyah Airways verplicht om een voorschot te verstrekken van minstens € 20.000,- per persoon de eerste financiële nood van de nabestaanden weg te nemen. Contact
Voor informatie over rechtsbijstand door een slachtofferadvocaat van ASP, kunt u contact opnemen met het secretariaat, mr. Calle
Postbus 650
8901 BL, Leeuwarden
058-2131555
058-2130066
secretariaat@asp-advocaten.nl
U kunt ook direct de ledenlijst op te website raadplegen.
Persbericht ASP: rechtsbijstandverzekeraars negeren vrije advocaatkeuze
In de uitzending van TROS RADAR van gisteravond is gebleken dat 40 % van de door RADAR ondervraagden door hun rechtsbijstandsverzekering niet zijn gewezen op het recht van vrije advocaatkeuze. Dat is in strijd met de wet (Wet op het Financieel Toezicht, WFT). Marco Zwagerman, voorzitter van ASP, de vereniging van erkende letselschadeadvocaten die uitsluitend voor slachtoffers optreden (105 leden), heeft daar in de uitzending op gewezen.
De behandeling van een letselschadezaak, vooral als sprake is van ernstig en/of blijvend letsel, is gecompliceerd en vereist specifieke juridische kennis en ervaring. Dat geldt vooral voor het voeren van procedures in letselschadezaken. ASP is van mening dat rechtsbijstandsverzekeraars hun klanten , als er geprocedeerd moet worden, uitsluitend naar letselschadeadvocaten moeten verwijzen die erkend zijn door de specialisatieverenigingen ASP en/of LSA. Dat gebeurt nu niet, of onvoldoende. De uitzending van TROS Radar maakte dat duidelijk.
Al eerder besteedde RADAR aandacht aan misstanden in de letselschadepraktijk. In de uitzending van 11 januari jongstleden werd het oneigenlijk gebruik van No Cure No Pay aan de kaak gesteld. Die uitzending heeft aan het licht gebracht dat veel letselschadeslachtoffers ten onrechte een no cure no pay contract sluiten met letselschadebureaus. In het Burgerlijk Wetboek is bepaald dat als de aansprakelijkheid vaststaat de kosten van rechtsbijstand door de aansprakelijke partij (in de praktijk: door diens verzekeraar) moeten worden vergoed, onder voorwaarde dat deze kosten redelijk zijn. Uit de Radar-uitzending bleek dat er letselschadebureaus zijn die, naast vergoeding van hun nota’s door de verzekeringsmaatschappij , ook het met het letselschadeslachtoffer overeengekomen no cure no pay percentage opstrijken. Daarmee worden slachtoffers bestolen.
ASP roept letselschadeslachtoffers op die vragen hebben over hun no cure no pay-overeenkomsten, deze kosteloos te laten beoordelen door een ASP-advocaat.
Deze gratis rechtshulp is een initiatief dat LSA, de overkoepelende vereniging van letselschadeadvocaten waarvan de leden van ASP ook lid zijn, na de uitzending van Radar heeft genomen. Aan die oproep is maar beperkte ruchtbaarheid gegeven. Reden waarom ASP er nu bredere aandacht voor vraagt.
Noot voor de redactie
Voor meer informatie over dit bericht kunt u contact opnemen met Marco Zwagerman (voorzitter ASP) 020-6732199, zwagerman@beeradvocaten.nl of Linda van Schoonhoven (bestuurslid ASP) 033-461 30 48,jl.vanschoonhoven@sapadvocaten.nl
No Cure No Pay
Tijdens de uitzending van RADAR d.d. 11 januari 2010 werden de misstanden bij no cure no pay afspraken in letselschadezaken waarin aansprakelijkheid is erkend aan de kaak gesteld. In de uitzending kwam naar voren dat er belangenbehartigers zijn die dubbel declareren. Naast een no cure no pay afspraak met het letselschadeslachtoffer waardoor de belangenbehartiger een percentage van de schadevergoeding krijgt als vergoeding van zijn kosten, krijgen ze ook hun kosten nog eens bij de aansprakelijke verzekeraar vergoed op grond van artikel 6:96 BW.
Een no cure no pay afspraak is in de meeste gevallen niet nodig, bijvoorbeeld omdat de aansprakelijkheid is erkend. De belangenbehartiger, dat kan een advocaat zijn, maar ook een jurist, een schaderegelaar of letselschade-expert, krijgen op grond van de wet (6:96 BW) hun redelijke kosten namelijk al vergoed van de aansprakelijke verzekeraar. Dit artikel bepaalt dat de kosten die moeten worden gemaakt om de schade vast te stellen onderdeel zijn van de totale schade die een letselschadeslachtoffer lijdt.
Letselschadeslachtoffers die toch een no cure no pay afspraak maken terwijl de aansprakelijkheid door de verzekeraar is erkend of vrijwel zeker erkend zal worden (denk aan achterop aanrijdingen) weten niet altijd dat de belangenbehartiger zijn kosten kan verhalen en dus nauwelijks risico loopt.
Advocaten mogen geen no cure no pay afspraken maken en onze ASP-leden dus ook niet. Toch zijn er advocaten die via een omweg letselschadeslachtoffers bijstaan die een no cure no pay afspraak hebben met bijvoorbeeld een stichting of een letselschadebureau. Deze stichting of dit bureau schakelt dan vervolgens een advocaat in die dan op grond van het al eerder genoemde artikel 6:96 BW zijn of haar honorarium vordert bij de aansprakelijke verzekeringsmaatschappij. Ook op deze manier wordt het letselschadeslachtoffer op het verkeerde been gezet. De advocaat kan immers het letselschadeslachtoffer direct bijstaan, dus zonder tussenkomst van een stichting of een letselschadebureau, en kan zijn kosten, mits redelijk, vergoed krijgen van de verzekeraar.
ASP, die zich tot doel heeft gesteld de positie van letselschadeslachtoffers te versterken, keurt deze praktijken af. De Vereniging van Letselschadeadvocaten (LSA) heeft aangeboden dat letselschadeslachtoffers hun no cure no pay-overeenkomst kosteloos kunnen laten beoordelen door een LSA-advocaat. De leden van ASP, die allen LSA-lid zijn, merken dat nog weinig gebruik wordt gemaakt van dat aanbod.
Daarom roept ASP, waarvan alle leden uitsluitend voor letselschadeslachtoffers optreden, letselschadeslachtoffers op die vragen hebben over hun no cure no pay-overeenkomsten, deze kosteloos te laten beoordelen door een ASP-lid. Deze kan ook voor u nagaan of er dubbel is gedeclareerd.
U kunt in de ledensectie zoeken op provincie voor het dichtstbijzijnde ASP-lid bij u in de buurt.
